ZAANDAM - Personen die door de politie in Zaanstad betrapt worden op het vervoeren van inbrekerswerktuigen, kunnen voortaan naast een boete ook een last onder dwangsom opgelegd krijgen door de gemeente. Dat betekent dat ze een bedrag tussen de 2500 en 10.000 euro moeten betalen als ze opnieuw in de fout gaan. De nieuwe maatregel om inbrekers af te schrikken betreft in eerste instantie een pilot van negen maanden. Andere gemeenten hebben al positieve ervaringen opgedaan met deze werkwijze.

Na een flinke daling van het aantal inbraken tussen 2013 en 2015 is vanaf november 2016 een stijging van het aantal woninginbraken te zien in Zaanstad. Die wijkt af van de trend in andere regio’s in Noord-Holland. OM, politie en gemeente hebben daarom gekeken naar maatregelen om deze trend te keren. Door naast strafrechtelijk ook bestuursrechtelijk te gaan handhaven op het vervoeren van inbrekerswerktuigen kan er harder opgetreden worden.

In Zaanstad treft de politie bij controles regelmatig auto’s aan waarin inbrekerswerktuigen worden vervoerd. Het gaat vaak om personen die al bij de politie bekend zijn vanwege antecedenten op het gebied van inbraak. Het vervoeren van inbrekersgereedschap is een overtreding die normaal wordt afgedaan met een relatief lage boete van 140 euro, waardoor het preventieve effect gering is. Met bestuursrechtelijk handhaven kan een hogere financiële sanctie worden opgelegd waardoor het afschrikkende effect groter zal zijn. Dit kan helpen om inbrekers af te schrikken en recidivisten te weren. De hoogte van de dwangsom varieert van 2500 tot 10.000 euro. Deze bedragen worden ook gehanteerd in bijvoorbeeld Putten en Haarlemmermeer, waar men al goede ervaringen heeft met deze werkwijze.

De Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) verbiedt het vervoeren of bij zich hebben van inbrekerswerktuigen. Of iets als zodanig wordt aangemerkt door de politie is mede afhankelijk van de situatie, omstandigheden en de combinatie van werktuigen waarin deze worden aangetroffen.

De pilot begint half juli en duurt in eerste instantie negen maanden. Deze periode is gekozen zodat de aanpak begint in de zomervakantie en vervolgens onderdeel kan uitmaken van het Donkere Dagen Offensief (oktober t/m maart), de piekperiodes als het gaat om woninginbraken.