ASSENDELFT - De woonunits in Assendelft mogen gebruikt worden voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Zo oordeelt de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland. De gemeente Zaanstad heeft een vergunning verleend voor de bouw en het gebruiken van 64 tijdelijke woonunits als opvanglocatie voor Oekraïense vluchtelingen voor de duur van drie jaar. Omwonenden hebben bezwaar tegen de bouw en het gebruik van de woningen. Via een voorlopige voorziening wilden zij voorkomen dat de woonunits op 15 juni 2023 in gebruik worden genomen. Maar de rechtbank wijst dit verzoek af.


Woonunits

In november 2022 is de gemeente Zaanstad begonnen met de bouw van tijdelijke woonunits in Assendelft. De bouw van de woonunits was gestart voordat de gemeente de daarvoor nodige vergunning had verleend. Inmiddels is de vergunning verleend. In de woonunits worden drie jaar Oekraïense vluchtelingen opgevangen. Daarna heeft de gemeente de wens om de woningen te gebruiken voor de huisvesting van onder meer starters.

Omwonenden hebben bezwaar gemaakt tegen de verleende vergunning. Zij vinden dat de gemeente niet mocht beginnen met de bouw zonder vergunning. Maar het belangrijkste bezwaar van de omwonenden is dat zij verwachten dat het gebruik van de woonunits hinder en overlast zal veroorzaken. Volgens de omwonenden heeft de gemeente te weinig rekening gehouden met de druk die bestaat op de voorzieningen in de buurt, zoals de parkeergelegenheid, het verkeer, het gezondheidscentrum en de school in de buurt. Zij verwachten dat deze druk met de komst van de Oekraïense vluchtelingen alleen maar zal toenemen.

Oordeel rechtbank

De voorzieningenrechter oordeelt dat het belang van de gemeente om de vergunning in stand te laten en op 15 juni 2023 opvang te kunnen bieden aan de Oekraïense vluchtelingen, zwaarder weegt dan het belang van de omwonenden.

Volgens de voorzieningenrechter is niet uitgesloten dat de druk op de voorzieningen door de komst van de vluchtelingen zal toenemen. Maar de omwonenden hebben niet onderbouwd dat sprake zal zijn van zo een grote extra belasting, dat om die reden de komst van Oekraïense vluchtelingen moet worden voorkomen. Daartegenover staat dat de gemeente uitgebreid heeft gemotiveerd dat sprake is van een (maatschappelijke) noodsituatie en dat vanuit de rijksoverheid opdracht is gegeven vluchtelingen te huisvesten. Ook weegt de voorzieningenrechter mee dat de gemeente de parkeerbehoefte, de veiligheid en de verkeerssituatie heeft onderzocht. Op basis van deze onderzoeken vond de gemeente het verantwoord om de vergunning te verlenen.

Dat het niet de schoonheidsprijs verdient dat de gemeente de woonunits eerst heeft gebouwd voordat de vergunning was verleend, maakt dit oordeel niet anders.

Er is volgens de voorzieningenrechter daarom onvoldoende reden om de verleende vergunning te schorsen. Dat betekent dat de Oekraïense vluchtelingen de woonunits op 15 juni 2023 in gebruik kunnen nemen.