ZAANSTAD - Het college van B&W van Zaanstad kiest ervoor om de bediening van de bruggen in Zaanstad zelf te blijven uitvoeren. De provincie Noord-Holland heeft Zaanstad gevraagd of zij interesse heeft om de bediening van bruggen onder te brengen bij de nieuwe provinciale bediencentrale. Het college is van mening dat de Zaan van wezenlijk belang is voor de ruimtelijke, economische en toeristische ontwikkeling van Zaanstad. Vanwege dat grote belang wil de gemeente zelf regie houden op de bediening van de bruggen. De veiligheid van de bediening en het voorkomen van versnippering zijn belangrijke factoren bij de afweging van het college.

De provincie Noord-Holland bouwt in Heerhugowaard een regionale bediencentrale voor bruggen in de provincie. Die centrale wordt operationeel vanaf 2018. De provincie heeft brugeigenaren, zoals de gemeente Zaanstad, aangeboden dat zij de bediening van hun bruggen bij die centrale onder mogen brengen. Zaanstad heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de effecten daarvan. Het college concludeert dat het overbrengen van de brugbediening te weinig voordelen biedt.

Over dit voorgenomen besluit vraagt het college de gemeenteraad nu een zienswijze.

‘Zaan levensader’

‘Vooral de Zaan is de levensader van onze gemeente. De bruggen zijn daar belangrijk in, voor de scheepvaart en voor het wegverkeer, voor bewoners, ondernemers, toeristen. We hechten er daarom erg aan om die  zelf te blijven bedienen’, aldus verantwoordelijk wethouder Leny Vissers-Koopman. ‘Integrale veiligheid en een betrouwbare en flexibele bediening zijn essentieel. Het is gemakkelijk wanneer de brugbedienaars en havenbeambten in hetzelfde kantoor werken en elkaar snel weten te vinden. De huidige manier van bedienen wordt gewaardeerd door alle gebruikers en eigenaren van bruggen. Er is de laatste jaren veel geïnvesteerd in de kwaliteit en professionaliteit van de bediening. Er is geen noodzaak om de bediening nu onder te brengen in een centrale in Heerhugowaard.’

Geen versnippering

De gemeente wil geen versnipperde brugbediening, omdat dat niet handig is voor de scheepvaart. Dan moet een schip tijdens het varen over De Zaan met verschillende bediencentrales contact houden. Dat is onhandig en kan tot veiligheidsrisico’s leiden. Daarom gaat Zaanstad er vanuit dat de provincie de bediening van de provinciale bruggen, met name de Julianabrug en de Clausbrug, bij Zaanstad laat, net zoals dat nu gebeurt. Wethouder Vissers-Koopman: ‘Het is ook raadzaam dat de bediening van de Zaanspoorbrug en de Coenbrug, die van ProRail en van Rijkswaterstaat zijn, door Zaanstad blijft gebeuren. Anders zou alsnog versnipperde brugbediening kunnen ontstaan.’ Zaanstad heeft 10 eigen bruggen in beheer en bedient drie provinciale bruggen en ook de Spoorbrug in Zaandam van ProRail en de Coenbrug in de A8 van Rijkswaterstaat. Alle Zaanse bruggen samen gaan jaarlijks ruim 50.000 keer open en dicht.